Schitterende scheepsliften: het Werelderfgoed van Strépy-Thieu

België heeft de grootste scheepslift ter wereld. Voilà, het is eruit. De kolos van Strépy-Thieu staat iets buiten Mons en overbrugt zomaar even een hoogteverschil van 73 m. Niet ver daarvandaan doen ook de oude hydraulische scheepsliften nog steeds hun heldhaftige ding, waarvoor ze door Unesco beloond werden met het statuut van Werelderfgoed.

Het Belgische industriële erfgoed neemt soms onverwachte vormen aan, bedenken we als we aan de voet van de 150 m hoge kabellift staan. Het betonnen monster ziet eruit alsof het daar per ongeluk is achtergelaten door de makers van een sciencefictionfilm. De kinderen – doorgaans niet om commentaar verlegen – staan met hun mond vol tanden te kijken. Dat dit gebouw een schip kan dragen, lijkt ineens niet meer zo ongeloofwaardig.

Scheepsliften Strépy-Thieu

Schip verplaatsen

Binnen werpen we een blik op de kleurrijke machinekamer, die er al even filmisch uitziet. De lift, die werd gebouwd in 2002, slaagt erin om met behulp van twee onafhankelijke ponten een schip te verplaatsen, zodat het zijn weg kan verderzetten op een ander niveau.

Scheepsliften Strépy-Thieu

Het Hellend Vlak van Ronquières, dat tot dezelfde ingenieuze waterwerken van ons land behoort, doet iets gelijkaardigs: het nivelleert een hoogteverschil van 68 meter op het kanaal Brussel-Charleroi. Daarvoor kreeg het trouwens in de jaren ’70 applaus van de talloze kinderen die er schoolreisgewijs naar kwamen kijken. Mooie herinneringen!

Scheepsliften Strépy-Thieu

Canal du centre

Maar waar wij vooral benieuwd naar zijn, zijn de oude scheepsliften. Dus klauteren we aan boord van een treintje dat vertrekt voor de deur van de scheepslift van Strépy-Thieu. Op wandeltempo tuft het langs het pittoreske Canal du Centre, waar we uitstappen ter hoogte van het 19de eeuwse pand waarin de oude machinekamer zit.

In die goed bewaarde machinekamer is geen vonkje elektriciteit te bespeuren: de waterpompen geven zo van jetje dat ze helemaal in hun eentje de klus kunnen klaren. Alles werkt hier dus met waterkracht, plus een beetje menskracht. Dat is toch wel een verbluffend gegeven. ‘Echt geen enkel stopcontact?’ vraagt Felix. Nee dus.

Scheepsliften Strépy-Thieu

Kapitein Francis

We gaan aan boord van passagiersboot Scaldis, bestuurd door kapitein Francis, en varen zo het historische kanaal af. Het interieur van de Scaldis past helemaal in de jaren ’70-schoolreis-sfeer van het Belgische liftgebeuren, met veel bruin meubilair en een jolige barman die deuntjes fluit terwijl hij bittere filterkoffie serveert. Het publiek aan boord is een mix van Japanners, locals op uitstap en families met nieuwsgierige kinderen.

De vier hydraulische liften op dit kanaal zijn de enige ter wereld in hun soort die nog in werking zijn, voldoende reden voor Unesco om ze te beschermen. Onderweg krijgen we verhalen over het leven op en aan het kanaal opgedist. We passeren een mooi brugwachtershuisje. ‘Is dat een station?’ vraagt Mirtha.

Scheepsliften Strépy-Thieu

Het heeft er inderdaad veel van weg. De job van brugwachter was destijds best intensief, krijgen we te horen, met zo’n 60 à 70 schepen die hier per dag passeerden. En telkens moest die draaiende brug van 3 ton open en dicht.

De guillotine

De kinderen zijn benieuwd hoe het boven op het dek is, en nemen de trap naar boven. Ze positioneren zich vooraan op het schip, waar ze het beste zicht hebben op wat komen gaat. We naderen namelijk de hydraulische lift, waar we met boot en al versast zullen worden naar het 17 m lager gelegen gedeelte van het kanaal.

Scheepsliften Strépy-Thieu

Onze gids waarschuwt iedereen op het dek: wie z’n hoofd nog nodig heeft, kan zich best bukken want de metalen constructie waar we onder varen staat ook bekend als ‘de guillotine’. Felix, Lucy en Mirtha zijn er vrij snel uit: ze hebben hun hoofd nog nodig.

Scheepsliften Strépy-Thieu

Zuigpomp en lap

Spectaculair om hier het principe van de communicerende vaten zo concreet aan het werk te zien. Ons schip komt in een bak te liggen, die verbonden is met een tweede bak, gevuld met water. De ene bak weegt 1000 ton. De andere ook, maar die heeft precies 35 cm meer water, goed voor een extra 75 ton. De zuigpomp doet z’n werk en lap, we dalen met schip en al. De zwaarste bak – met ons erin – zakt naar een niveau 17 m lager, terwijl de andere langzaam evenveel meter stijgt.

Scheepsliften Strépy-Thieu

‘Het lijkt een beetje op de Eiffeltoren’, merkt Felix op, terwijl hij met grote ogen naar de 19de eeuwse ijzeren constructie kijkt. Die is nog steeds prachtig – en bijzonder ingenieus. Aan de oever staan mooie oude loodsen, waarvan je alleen maar kan hopen dat iemand ze fris nieuw leven inblaast. Over het nieuwe deel van het kanaal varen we terug naar ons vertrekpunt, bij de grote lift van Strépy. Een tochtje van de 19de naar de 21ste eeuw.

Kabellift van Strépy-Thieu en Canal du Centre, Rue Raymond Cordier 50, 7070 Thieu. Info: voiesdeau.hainaut.be

Scheepsliften Strépy-Thieu

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vul de captcha in *